De wijkvereniging nam 4 juli deel aan een groepsinterview van de gemeente Leiden over participatie. Gemeente Leiden is bezig om een handelingsperspectief op te zetten voor participatie waarin de groepsinterviews als input dienden. Zodra het handelingsperspectief gereed is, zullen wij die ook delen.
Hieronder staan de aantekeningen van het gesprek:
Verbeterpunten:
- Er is een gebrek aan uniformiteit – Er zijn verschillen in benadering en gedrag van ambtenaren als het gaat om dit onderwerp. Binnen de gemeente zijn er mensen die participatie omarmen, terwijl anderen er helemaal niet enthousiast over zijn of lijken. Die zelfde verschillen zijn te zien tussen projectontwikkelaars. Ook wordt opgemerkt dat er ook groepen inwoners zijn die niet zo’n behoefte aan inspraak voorafgaand aan besluitvorming.
- De relatie tussen dienstverlening en participatie wordt onderschat. Negatieve ervaringen op het vlak van participatie met de gemeente vertalen zich door naar hoe men in het algemeen de gemeente en haar dienstverlening ervaart.
- De zogenaamde participatiebijeenkomsten komen eigenlijk neer op informatiebijeenkomsten. Er lijkt geen of nauwelijks ruimte voor inbreng of aanpassing van de plannen mogelijk. Dit werkt schijnparticipatie in de hand.
- Bij het inspreken in de raad is er geen mogelijkheid voor reacties van de wethouders. Het zou beter zijn als zij wel reageren, zodat raadsleden een beter beeld krijgen van de knelpunten waar over gesproken wordt.
- Commerciële belangen worden door de gemeente (soms onbewust) gefaciliteerd.
- Het leidende principe bij participatie zou moeten zijn dat de gemeente ipv public management gaat sturen op publieke waarden.
- In het ontwikkelingsproces (bij beleid en projecten) moet vanaf het begin duidelijk zijn dat participatie een centrale rol speelt.
- Idee: zou de participatieladder niet omgedraaid moeten worden en met “meebeslissen” moeten beginnen?
Verwachtingen:
- De aanpak van het project aan de Lammenschansweg verliep uitstekend – het samenbrengen van alle belanghebbenden, zoals studenten, de wijkvereniging en deskundigen, leidde tot eenvoudige oplossingen. Dit dient als een voorbeeld van hoe participatie ook kan verlopen.
- Participatie zou moeten bijdragen aan gemeenschapszin – samenwerken aan een gezamenlijk doel en het versterken van de bestaande en toekomstige communities.
- De gemeente heeft een beschermende rol:
- Kan burgers beschermen tegen zichzelf – en helpen om afstand tussen groepen te overbruggen.
- Tegen projectontwikkelaars die er puur voor financieel gewin zijn: zij hebben vaak een beperkte blik op belangen, terwijl projecten gaan over publieke waarde. De gemeente bepaalt de kaders voor projectontwikkelaars en moet deze overzien om draagvlak te creëren. De gemeente definieert de publieke waarde, niet de projectontwikkelaar.
- Inlevingsvermogen – Je hoeft niet perse zelf ervaringsdeskundige te zijn. Het gaat om inlevingsvermogen. Daarvoor is het belangrijk de omgeving te kennen. Gebruik niettemin zoveel mogelijk de kennis die in de stad aanwezig is.
- Het is belangrijk om met stakeholders in gesprek te gaan. Dit vergroot de kans op gedragen besluit, waarbij het goed is om op te merken dat draagvlak op de inhoud van het besluit in veel gevallen misschien wel helemaal niet mogelijk is. Draagvlak voor het doorlopen proces daarentegen zou eigenlijk randvoorwaardelijk moeten zijn.
- Wees eerlijk tegen burgers en laat weten wat je belangen zijn. Breng hiervoor heel duidelijk in kaart welke kaders er zijn op basis van eerder genomen besluitvorming. Binnen die kaders moet ruimte zijn voor maximale participatie.
- Wederkerigheid – je krijgt meer mensen enthousiast wanneer participatie betekent dat er ook iets te halen valt. Dat kan trouwens ook op inhoud. Bijvoorbeeld bij een bouwproject wanneer de omliggende straten kunnen “meeprofiteren” van de gasloze oplossing voor het nieuw te bouwen gebouw. Of het creëren van ontmoetingsplek in de wijk als onderdeel van de ontwikkeling (bijv. in de plinten van hoogbouw).
- Dienend leiderschap – Is nodig om participatie beter geborgd te krijgen in de organisatie. Dienend aan de gemeenschap en aan ambtenaren die dat als vertrekpunt hanteren.